Het symbool van India, naast de olifant, is de tijger. Die
zouden we dan ook graag in zijn natuurlijke omgeving spotten. We proberen
vooraf online een safari te boeken, maar het systeem werkt blijkbaar niet. Ook
het hotel waar we verblijven slaagt er niet in een safari vast te leggen. Zij
proberen te bellen, maar krijgen enkel een antwoordapparaat aan de lijn dat
verwijst naar de app om online te boeken. Dan maar op goed geluk naar het park
in de hoop dat we een jeepsafari ter plekke kunnen regelen. Om 13u30 gaat het
ticket office open en het lukt.
Naast ons zijn er nog twee Indiase mannen die
graag met ons mee willen. We boeken samen een jeep voor zes personen, met
chauffeur en gids. De twee mannen komen uit Mumbai, maar zijn voor hun werk in
Delhi en hebben een dagje vrijaf. Zij werken als onderzoekers in een
overheidsinstelling en doen onderzoek naar de effecten van radioactieve
straling op het dna van planten. Dat is weer een andere kant van India: op
technologisch vlak is India niet echt een ontwikkelingsland. Ze beschikken over
atoomwapens, sturen raketten en satellieten de lucht en hun
computerprogrammeurs werken nu ook al voor Bpost. Ze zijn erg benieuwd in wie
we zijn en wat we komen doen. Hun eerste vraag is erg typisch voor India: wat
is uw religie? Als ik zeg dat we niet gelovig zijn, dan schrikken ze even. Dat
antwoord hadden ze niet verwacht. Zelf zijn ze allebei protestants. Ze zijn
niet alleen collega's, ze zijn ook vrienden en maken samen muziek, o.a. in de
kerk. Protestanten zijn een kleine minderheid in India, maar onder invloed van
de Britten die hier jarenlang de plak hebben gezwaaid, hebben toch heel wat
mensen zich bekeerd tot de godsdienst van de kolonisator.
Onze safari kan beginnen. We zijn er ons van bewust dat de
kans om een tijger te spotten erg klein is. In 2004 is de laatste tijger in het
reservaat uitgestorven, of liever uitgemoord. Maar enkele jaren geleden hebben
ze tijgers van elders naar het reservaat overgebracht. Die hebben zich kunnen
voortplanten, waardoor er nu een 14-tal zouden leven in het park. Luipaarden
zijn er meer, een zestigtal naar verluidt. De gids vertelt dat ze gisteren nog
een tijger hebben gespot, maar dat was wel vroeg in de ochtend. Misschien
hebben we het geluk aan onze kant.
We trekken in een open jeep het park in. Is dit wel veilig,
vragen we ons af? De gids stelt ons gerust. Die beesten vallen geen jeeps aan,
je mag op je twee oren slapen.
Een tijger spotten is ons niet gelukt. Maar een opmerkzame
Indiase medepassagier merkt plots een luipaard in een boom. Een pracht van een
beest dat ons natuurlijk goed in de gaten houdt vanuit zijn uitkijkpost. We
staan hier oog in oog met een luipaard, amper een twintigtal meter van ons
verwijderd, zittend in een open jeep. Spannend. Na het tijdje houdt hij het
voor bekeken en loopt hij weg. Maar het luipaard was niet het enige dier dat we
hier hebben gespot. Herten groot en klein, pauwen, krokodillen, tal van
watervogels wiens naam we niet allemaal kennen, een leguaan, jakhalzen en twee
wilde katten. We krijgen ze allemaal mooi in beeld. Onze safari is meer dan geslaagd.


Geen opmerkingen:
Een reactie posten